Een systeem verandert pas echt wanneer mensen de moed hebben om waarheid, verantwoordelijkheid en menselijkheid weer voorop te zetten.
Op 14 en 15 maart 2026 is de muziektheatervoorstelling Wat kan beter? in Theater Het Lichtruim in Bilthoven live gegaan.
Met Wat kan beter? heb ik - muziektheatermaker Ralph Kaper - niet alleen een voorstelling gemaakt, maar ook een onderzoek afgerond. Een onderzoek dat begint op het hoogste niveau denkbaar — en eindigt diep in de mens zelf.
Het stuk opent niet op aarde, maar in een kosmische dimensie. Daar bestaat de Galactische Onstoffelijke Dienst: een vorm van bewustzijn zonder lichaam, zonder emoties, zonder tijd. Vanuit die positie kijken zij naar het leven op aarde als iets wat onderzocht, gestuurd en verbeterd kan worden. Hun vraag is eenvoudig en tegelijkertijd allesomvattend: wat kan beter?
Om die vraag niet alleen op afstand te beantwoorden, maar werkelijk te doorgronden, doet de G.O.D. aan veldwerk. Zij dalen af naar de werkelijkheid die zij bestuderen. Niet als zichtbare macht, maar als waarnemers en beïnvloeders binnen het systeem zelf. Ze observeren, sturen subtiel bij en ervaren van binnenuit wat er gebeurt wanneer mensen samenleven.
Vanuit dat veldwerk begint het experiment op aarde met één mens. Gabriëla wordt geboren als een ogenschijnlijk gewoon mens, maar met een bijzondere opdracht. Zij draagt vanaf het begin drie kernwaarden in zich: goedheid, oprechtheid en dialoog. Met die waarden moet zij onderzoeken of en hoe een samenleving kan ontstaan waarin mensen werkelijk beter met elkaar samenleven.
Om dat mogelijk te maken richt zij een gemeenschap op: Pommelenburg. Een dorp voor mensen die vastgelopen zijn, kwetsbaar zijn of geen plek meer hebben in de wereld daarbuiten. In eerste instantie lijkt het een veilige haven. Iedereen heeft een functie. Zorg, voedsel, geld, bestuur en ontmoeting zijn georganiseerd. Het is een poging om een wereld te maken waarin mensen elkaar dragen en waarin grip ontstaat op een werkelijkheid die buiten het dorp als onzeker en bedreigend wordt ervaren.
Maar precies daar begint het te kantelen: Want wat betekent veiligheid, als die koste wat kost behouden moet blijven?
In Pommelenburg ontstaan mechanismen die niet als kwaad bedoeld zijn, maar wel zo gaan werken. Controle ontstaat als antwoord op onzekerheid: regels, toezicht en structuur moeten voorkomen dat het systeem uit elkaar valt. Leugens ontstaan als smeermiddel: waarheid wordt verzwegen om relaties en rust te bewaren. Zorg verandert in een machtsmiddel: wie afhankelijk is, blijft. Bestuur wordt bureaucratie: procedures vervangen menselijk contact. Roddels en aannames nemen de plaats in van echte dialoog. De maatschappij en buitenwereld is bedreigend en wordt hard afgeschermd: zowel wat binnenkomt als naar buiten gaat.
En misschien wel het meest bepalende: niemand mag nog weg — omdat vertrekken niet meer mogelijk voelt, sociaal, emotioneel of praktisch.
Zo verandert een gemeenschap langzaam in een gesloten systeem.
Gabriëla staat daar middenin. Als oprichter en drager van de oorspronkelijke waarden probeert zij vast te houden aan goedheid, oprechtheid en dialoog. Maar juist die waarden komen onder druk te staan. Wanneer oprechtheid wordt ingeruild voor achterklap, wanneer dialoog verdwijnt en wanneer goedheid niet wordt beantwoord en wanneer haar man haar bedriegt loopt zij vast. Ze kan niet verdragen dat de wereld die zij wilde bouwen zo ver afdrijft van waar zij voor stond. Uiteindelijk beëindigt zij haar leven.
Wat overblijft, is een gemeenschap zonder moreel kompas — maar met een systeem dat nog steeds functioneert. Iedereen heeft nog steeds een functie. En juist daardoor worden de mechanismen sterker. Controle wordt strakker. Afhankelijkheid groter. Afwijking gevaarlijker. De schijn van veiligheid blijft bestaan, maar de ruimte om werkelijk te leven wordt kleiner.
Binnen dat systeem zijn er enkelen die beginnen te bewegen. Een jonge ontwerper Sõren Lõren zoekt via verbeelding en creativiteit naar een andere werkelijkheid buiten de grenzen van het dorp. Roswita een getalenteerde jonge zangeres verlangt naar de wereld daarbuiten — naar optreden, reizen en een leven dat groter is dan wat haar wordt aangeboden. En Maxime, een jonge vrouw zoekt naar erkenning en waarheid: zij wil weten waar ze vandaan komt en weigert zich nog langer te voegen naar een rol die haar is opgelegd. Zij vormen de breuklijnen in het systeem.
Maar het systeem laat niet zomaar los. Wat niet wordt uitgesproken, stapelt zich op. Wat niet wordt erkend, zoekt een andere uitweg. Uiteindelijk blijft er nog maar één taal over: fysiek geweld. Dat komt tot een climax in een bokswedstrijd tussen Maxime en haar vader — een gevecht dat veel meer is dan sport. Het is de botsing tussen waarheid en ontkenning, tussen verleden en heden, tussen beheersing en bestaansrecht. Daarna stort alles in.
Pas buiten het systeem op het einde van de stuk — in een galactische niet aardse tussenruimte waarin niets meer vastligt — ontstaat inzicht. De bewoners kijken terug. Niet om schuldigen aan te wijzen, maar om te begrijpen. Ze zien hoe hun keuzes, hun angsten en hun stiltes hebben bijgedragen aan wat er is gebeurd. Ze benoemen wat nodig is: openheid, verantwoordelijkheid, echte zorg en ruimte om te veranderen.
En dan gebeurt er iets wezenlijks. Ze krijgen geen oplossing. Geen perfecte nieuwe wereld. Maar ze krijgen een tweede kans. Ze keren terug naar het leven — zonder herinnering aan wat er precies gebeurd is, maar met een innerlijke verschuiving.
Ook Gabriëla krijgt daarin een nieuwe positie. Niet langer alleen als degene die uitvoert en probeert te sturen, maar als onderzoeker — in lijn met het veldwerk van de Galactische Onstoffelijke Dienst (de G.O.D.). Zij wordt onderdeel van een manier van kijken die niet meer uitgaat van maakbaarheid, maar van begrijpen.
En de G.O.D.? Krijgen zij hun antwoord? Ja en nee.
Ze krijgen geen handleiding. Geen systeem dat “werkt”. Maar ze zien iets wat misschien belangrijker is: dat leven zich niet laat ontwerpen zonder verlies. Dat goedbedoelde structuren kunnen verstarren. Dat veiligheid kan omslaan in beperking. En dat verbetering niet begint bij systemen, maar bij mensen die bereid zijn om te kijken, te erkennen en te veranderen.
Misschien is dat ook de spiegel die het stuk ons voorhoudt. Want is Pommelenburg zo ver weg van de wereld waarin wij nu leven?
Ook wij organiseren, controleren en structureren. Ook wij zoeken zekerheid in een complexe wereld. Ook wij vermijden soms de waarheid om het geheel bij elkaar te houden. Ook wij bouwen systemen die veiligheid beloven — maar die ons tegelijkertijd kunnen beperken. En ook bij ons zijn er altijd mensen die voelen dat het anders moet.
Wat kan beter?
Meer over deze muziektheaterproductie >>>